58. De stilte verklaard

Kevin wist niet wat hij moest zeggen. Lijkbleek zat hij met Sietze aan de grote vergadertafel op de eerste verdieping van het voormalige gemeentehuis te Appingedam. Voor hen lag de mobiel van Sietze, met daarop de geopende app van chatbot Elora. ‘Kevin?’ vroeg Elora. ‘Kevin? Ben je daar nog?’ 

Kevin had al minutenlang niets gezegd. Samen met Elora en voorzitter Sietze maakte hij deel uit van de interim-regering van de Friese Ommelanden. Het drietal was bijeen voor het laatste regeringsoverleg van het jaar. Het was rond drie uur in de middag van oudjaarsdag. Buiten viel af en toe een knal of een gillende keukenmeid te horen. 

‘Ik ben er nog Elora,’ zei Kevin. ‘Sorry, maar het nieuws komt nogal hard aan. Ik weet echt niet wat ik moet zeggen.’

Sietze was de vergadering begonnen met het bespreken van een uiterst belangrijk rapport van de OY, de Ommelander Ynljochtingstsjinst. De spionagedienst had de opdracht gekregen om uit te zoeken welke plannen de Nederlandse regering aan het ontwikkelen was om de Ommelanden terug te veroveren. Dergelijke informatie was natuurlijk van groot belang voor de rebellen, die enige maanden geleden de Ommelanden onafhankelijk hadden verklaard en nu de dienst uitmaakten in het gebied. Er was des te meer behoefte aan informatie, omdat het erg rustig was. De rebellen hadden verwacht binnen enkele dagen na de ommezwaai geconfronteerd te worden met de militaire woede van de Nederlanden, gericht op het terugveroveren van de Ommelander gebiedsdelen. Er gebeurde echter niets. Nergens verzamelden zich troepen om de oude orde in de Ommelanden te herstellen. De F-35’s van vliegbasis Leeuwarden, zo werd geconstateerd, vlogen zelfs met een boog om de Ommelanden heen. De stilte gaf een gevoel van dreigend onheil.

De conclusie uit het rapport van de OY was even verbazingwekkend als schokkend: er bestonden in het geheel geen plannen bij de Nederlandse overheid om de Ommelanden te heroveren. 

Eerst konden Kevin en Sietze dit niet geloven. Maar Elora, die via duistere wegen toegang had tot veel digitale bestanden, opgeslagen op servers in binnen- en buitenland, kon het uiteindelijk bevestigen. Er was helemaal niets te vinden dat zou kunnen wijzen op het willen terugkrijgen van de Ommelanden. Verborgen op een buitenlandse server, in gebruik bij het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, vond Elora wel iets dat de kennelijke desinteresse van de Nederlandse regering leek te bevestigen. Ze trof een binnenkort te publiceren kaartje waarop het wegennetwerk van Nederland was afgebeeld, afgezet tegen het aanpalende buitenland, dat op het kaartje in een grijstint was weergegeven. Het grijze gebied op het kaartje betrof niet alleen België en Duitsland, maar ook de Ommelanden. 

Alles wees erop dat Nederland zich had berust in het verlies van het gebied. 

‘Ik weet echt niet wat ik hiervan moet vinden,’ zei Kevin uiteindelijk. ‘Het is natuurlijk geweldig dat we nu al – zonder enig bloedvergieten – als niet-Nederlands gebied gezien worden. Maar je verwacht toch dat ze ons niet zomaar, zonder slag of stoot, laten gaan? Het lijkt wel alsof Nederland blij is dat we er niet meer bij horen!’

Sietze knikte langzaam. ‘Het lijkt niet alleen zo, het ís zo,’ zei hij. ‘Het wordt nog veel erger. Zet je schrap. Ik kreeg vanmorgen nog een ander rapport van de OY.’ Sietze gaf een papieren kopie aan Kevin, nadat hij die met de camera van zijn telefoon voor Elora had gescand. Ekstreem Geheim, stond op het rapport.

Terwijl Kevin nog met grote ogen aan het lezen was, kon Elora bij het verwerken van de informatie een gilletje niet onderdrukken.

‘Dit meen je niet!’ riep Kevin, nadat hij het rapport gelezen had. ‘Dit is schandalig! Dus daarom doen ze niet hun best om de Ommelanden terug te krijgen!’

Het rapport was helder. Diverse bronnen hadden het bevestigd. Op het moment dat Kevin, Sietze en Elora bijeen waren, werd er op hoog niveau onderhandeld tussen de Nederlandse regering en de regering van de Verenigde Staten, om te zien of de Ommelanden aan de VS verkocht konden worden. Volgens het rapport had de Nederlandse regering kort na de omwenteling al contact gezocht met de regering van de Verenigde Staten, om de koop te bespreken. De inzet was hoog: de nog immense gasvoorraad in de bodem van de Ommelanden. Zelf kon Nederland daar niet meer bij, los van enkele kleine gasvelden. Om Groningen toch nog een beetje te laten renderen, gingen de Ommelanden in de verkoop. ‘Liever iets dan niets,’ zou de Nederlandse Minister van Economische Zaken tijdens een ministerraad hebben gezegd.

Het aanbod klonk de president van de VS als muziek in de oren. We’re gonna drill, baby, had hij tegen de Nederlandse regeringsonderhandelaar gezegd. Baby, we’re gonna drill, so let’s make a deal!

Dat de Nederlandse regering door de revolutie geen gezag meer had in het gebied, was geen probleem volgens de president. No problem. De Amerikaanse Minister van Oorlog, die steeds bij de onderhandelingen aanwezig was, bevestigde dit, nadat hij enkele appjes had gestuurd en antwoord had gekregen. No problem at all, mister President, had hij gezegd, met een grijns op zijn gezicht.

Geen kistjes in de klei, maar boots on the ground. Nog even, en Nederland was voorgoed verlost van Groningen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *